Laat de docent niet met lege handen staan

vrijdag 14 dec

STAP-methode: soepele overgang van po naar vo voor leerlingen die moeite hebben met sociale interactie en flexibiliteit

De overstap van basisschool naar het voortgezet onderwijs is voor veel jongeren een grote stap. Voor jongeren die moeite hebben met sociale communicatie en flexibiliteit, en last hebben van angst, is deze overgang extra moeilijk. Voor hen is het prettig als ze hiervoor begeleiding krijgen. Jules van Driel is begeleider passend onderwijs op het IJsselcollege en gebruikt de STAP-methode[1] om jongeren te ondersteunen bij de overstap van primair onderwijs (po) naar voortgezet onderwijs (vo).

‘Je hebt een soort ‘praatpapier”

Op STAP met de leerling

‘Stap 1 is dat de STAP-coach informatie verzamelt bij de leerling, ouders en de leerkracht van groep 8. Aan de hand van een vragenlijst wordt duidelijk wat de sterke kanten zijn van de leerling, welke behoefte hij heeft aan ondersteuning, welke interesses de leerling heeft en wat de leerling triggert. Je hebt dan een soort ‘praatpapier’’, legt Jules uit.

‘een zogenaamd ‘leerlingprofiel”

De volgende stap is dat de coach de bijeenkomst voor ‘warme overdracht’ voorbereidt op basis van deze informatie. Dit overleg vindt plaats als de leerling nog in groep 8 zit. De leerling, ouders, leerkracht van groep 8 en de ondersteuningscoördinator of mentor van de vo-school zijn hierbij aanwezig. Stap 3 is dat de STAP-coach een OverSTAPplan maakt. Dit is een beknopte samenvatting van de ondersteuning die de leerling nodig heeft, de strategie die ingezet wordt of de afspraken die gemaakt zijn tijdens de bijeenkomst voor ‘warme overdracht’. De mentor van de vo-school krijgt een uitgewerkt plan met bijlagen waarin met concrete tools wordt aangegeven hoe je de leerling het beste kan ondersteunen, begeleiden en benaderen. De laatste stap is dat de STAP-coach een samenvatting opstelt vanuit het OverSTAPplan, het zogenaamde ‘leerlingprofiel’.

‘Waar heeft de leerling moeite mee, wat moet je concreet doen of zeggen tegen de leerling’

Kant-en-klare aanpak op 1 A4tje

‘De docenten krijgen op 1 A4tje een beknopt, gebruiksvriendelijk, zo overzichtelijk mogelijk profiel van de leerling. Hierin staat waar de leerling moeite mee heeft, wat je concreet moet doen of kan zeggen tegen de leerling. Het voordeel is dat het specifiek is en speciaal gericht op de leerling.
Deze methode zorgt ervoor dat docenten vanaf dag één dat de leerling begint op de middelbare school met deze informatie aan de slag kunnen. Het geeft de docenten houvast. Ze kunnen preventief handelen. Dat scheelt tijd en frustratie voor iedereen.
Bijvoorbeeld: Julia heeft moeite met sociale interactie zoals ‘beurt geven en nemen’. De docent krijgt dan in een bijlage van haar leerlingprofiel informatie over hoe dit bij Julia werkt. Ook zit hier materiaal bij om samen met haar aan de slag te gaan.
Of Jan heeft problemen met communicatie. Op zijn A4tje staan dan suggesties over hoe je Jan het beste kan aanspreken. “Iedereen pakt pagina 36, Jan pak jij ook pagina 36?”.’

‘Vier stappen met bijbehorende informatie en materialen’

Tijdsinvestering

‘We zitten nu in de onderzoeksfase. De inschatting is dat je als STAPcoach op jaarbasis ongeveer 8 tot 10 uur per leerling nodig hebt. Op veel vo-scholen wordt al het nodige gedaan voor een ‘warme overdracht’. Het mooie van deze methode is dat het structuur biedt in de vorm van vier stappen met bijbehorende informatie en materialen. Er is duidelijkheid in de rol van de betrokkenen waarbij de STAPcoach het hele proces min of meer bewaakt. Ouders ervaren het als prettig dat ze actief bij het proces van hun kind worden betrokken. Zij vormen een belangrijke schakel in het geheel. Ook hebben ze zo in een vroeg stadium contact met de toekomstige vo-school van hun kind.’

Een STAP verder

De STAP-methode wordt nu uitgezet en onderzocht in de regio Rotterdam. De bevindingen worden verwerkt in een definitieve versie. Als deze methode effectief is bij de overstap van leerlingen die moeite hebben met sociale communicatie en flexibiliteit, en last hebben van angst, wordt bekeken of deze methode ook geschikt kan worden gemaakt voor een bredere doelgroep, zoals leerlingen die ondersteuning nodig hebben vanwege AD(H)D, ODD, etc.

Meedoen of meer informatie?

Als uw school interesse heeft in deelname dan kunt u informatie opvragen of contact opnemen met Iris Tjaarda en Esther Bax-Höhle via moving@hr.nl. Meer informatie vindt u ook op de website: www.hsleiden.nl/moving.

Word ook STAP-coach!

Onderzoeksproject MOVING zoekt STAP-coaches in de omgeving, Rotterdam, Capelle, Gouda, Alphen a/d Rijn en Leiden! Bent u geïnteresseerd om scholen te ondersteunen om leerlingen die moeite hebben met sociale communicatie en flexibiliteit te helpen bij de overstap naar het voortgezet onderwijs? Heeft u affiniteit met het onderwijs en/of leerlingen met autismekenmerken? Bent u organisatorisch en communicatief vaardig? Bekijk dan de STAP-coach vacature en meld u aan via moving@hr.nl!

 


[1] STAP staat voor School Transitie AfstemmingsProgramma. Deze methode is speciaal ontwikkeld om de po-vo overstap soepel te laten verlopen voor leerlingen die moeite hebben met sociale communicatie en flexibiliteit. Dit kunnen ook leerlingen zijn met een autismespectrum stoornis (ASS).

De STAP-methode is een stappenplan waarin op gestructureerde wijze wordt aangegeven wie wat doet in de begeleiding van de leerling tijdens de overstap van po naar vo. De STAP-coach is de casemanager die het hele proces van de overstap regelt. Van het begin tot het eind wordt het traject gestructureerd aangepakt.
Deze Engelse methode wordt momenteel uitgevoerd op scholen in de regio Rotterdam, Gouda, Alphen en Leiden. De Hogeschool Leiden en Hogeschool Rotterdam onderzoeken wat de effecten zijn van deze methode. In deze onderzoeksfase is Jules van Driel een van de STAP-coaches die de methode gebruikt om een aantal leerlingen te begeleiden in de overstap van po naar vo.